|

De hond
en het zeer jonge kind

Hond en baby
Is er al een hond in huis als de baby komt, houd dan rekening met uw hond op de
volgende wijze:
voor de bevalling
- Laat de hond voor de bevalling zoveel
mogelijk kennis maken met alle nieuwe dingen.
Laat hem bijvoorbeeld. in de kinderkamer en stuur hem niet weg bij de wieg
en de kinderwagen, maar laat hem rustig snuffelen.
- Ga de hond niet extra verwennen, want
dan kan het averechts werken.
De hond kan zich dingen gaan veroorloven die niet toegestaan zijn.
U bent en blijft de baas.
- Blijf de hond uitlaten op de manier
zoals voorheen.
Kunt u als aanstaande moeder geen lange wandelingen meer maken, speel dan
wat meer in huis of in de tuin met de hond.
tijdens de bevalling
- De hond hoeft niet bij de bevalling
in de kraamkamer aanwezig te zijn.
- Laat de hond geen nageboorte of
poepluiers opeten.
kennis maken met de baby
- Geen pasgeboren baby op de grond
leggen, zodat de hond kan kennismaken.
- Houd de baby hoog ten opzichte van de
hond.
- Laat hem dan rustig snuffelen en
praat vriendelijk tegen de hond.
- Maak er voor de hond een feest van
als de baby uit de wieg wordt gehaald.
- Geef hem ook aandacht door middel van
een aai, een brokje, spelen enz.
- Hij mag kijken, snuffelen, maar... de
baby is van jou, de roedelleider en die beslist wat er gebeurt!
- Wordt de baby gevoed geef dan de hond
bijv. een kluif of een bot.
Hij associeert de baby dan met aangename dingen.
- Laat bezoek niet alleen aandacht
hebben voor de baby, maar ook voor de hond, zoals voorheen.
Attendeer hen daarop.
- Voorkom paniekreacties als de hond de
baby een lik geeft.
Ga niet gillend de baby hoog houden of de hond wegduwen.
De hond begrijpt daar niets van en raakt net zo opgewonden als u.
Blijf dus kalm!
in het algemeen
- Doe gewoon.
Ga je niet anders gedragen ten opzichte van je hond dan voor de komst van de
baby.
- Probeer de hond zoveel mogelijk op de
normale tijden uit te laten.
Hij moet toch zijn energie kwijt en zal dan in huis ook rustiger zijn.
Zet zo snel mogelijk een box in de kamer, zodat de baby even veilig
weggelegd kan worden als u onverhoopt wat zonder baby moet doen
en de kamer uit moet.
- Plaats de baby zoveel mogelijk hoger
dan de hond, bijv. het babystoeltje vastzetten op de bank.
- Laat hond en baby nooit alleen.
kruipende kinderen
Honden leven met een aantal gedragscodes.
In de natuur gaat alleen een onderdanige hond naar een hogere in rangorde.
Nooit zal een hoger geplaatste hond naar een lagere toegaan of het moet zijn om
de lagere te corrigeren.
Een kind dat naar de hond toe kruipt, betekent dus voor hond dat dit lager in
rangorde is.
Ook lijkt het erop dat een kruipend kind zich klein heeft gemaakt.
Ook een teken van onderdanigheid.
De hond heeft nu het recht om het kruipkind te corrigeren als dat nodig is.
En die situatie kan zich als volgt voordoen: de kruipkinderen komen voor de hond
dreigend over.
Zij kijken de hond recht in de ogen en kruipen naar hem toe.
Dit gedrag ziet hij als een teken van agressie.
De hond geeft een waarschuwend gegrom.
Het kruipend kind begrijpt dit gedragskenmerk uiteraard niet, kruipt verder, de
hond hapt om het kind te corrigeren, het kind schrikt, huilt
en gaat weg, de hond heeft gewonnen en zal dit gedrag herhalen.
De hond begint met gegrom, als dat niet helpt met happen en als dat ook niet
helpt met bijten.
De hond is dan vals en moet weg.
De hond is echter een heel normale hond , die niet vals is.
Het kruipkind houdt zich niet aan de regels en dit moet dus gecorrigeerd worden!
Het probleem is daar.
Van honden kunnen we niet verwachten dat ze zich menselijk gedragen en van
kruipkinderen kunnen we niet verwachten dat ze zich honds gedragen.
U moet daarom het kind leren om niet naar de hond toe te gaan en helemaal niet
naar de plaats of de mand van de hond.
Leer de hond naar zijn plaats of mand te gaan, als het kind gaat kruipen.
Hij heeft daar zijn eigen rustige plek.
conclusie:
LAAT KIND EN HOND NOOIT
ALLEEN!
© 2008 A.v.d.Berg
|